Vraag een assistent welke partijen er zijn in een categorie en hij citeert vergelijkingsartikelen. Wie in zo'n artikel staat, komt in het antwoord terecht. Wat de meeste marketeers verrast, is van wie die artikelen zijn. In onze eigen categorie is het overgrote deel geschreven door de bureaus zelf. Je komt er dus niet alleen op door aan te kloppen bij een redactie, maar vooral door zelf het vergelijkingsartikel te zijn.
We hebben dat gemeten in plaats van aangenomen.
Een model dat een keuzevraag krijgt, zoekt een bron die al een selectie heeft gemaakt. Jouw homepage claimt dat jij de beste bent. Elke concurrent claimt hetzelfde.
Een vergelijkingsartikel van een derde partij zet vijf of tien namen naast elkaar, met per naam een reden. Dat is precies de vorm van het antwoord dat het model wil geven. Overnemen is dan makkelijker dan zelf tien websites afwegen.
Er komt nog iets bij. Een assistent kiest een handvol bronnen en vat die samen. Er is geen tweede pagina.
Als drie van die bronnen vergelijkingsartikelen zijn en jij staat in geen van de drie, dan besta je in dat antwoord niet.
We hebben vijf echte koopvragen door drie assistenten gehaald. Vragen als "welke GEO-bureaus zijn er in Nederland" en "ik word niet gevonden door ChatGPT, welk bureau kan mij helpen". Vijftien antwoorden. Daarna hebben we niet de namen geteld, maar de bron-URL's onder die antwoorden.
Wildbos kwam in nul van de vijftien antwoorden voor. Ook niet op de zwaardere modellen.
De uitkomst die ons het meest verbaasde, zat in de bronnen. Van de vijfentwintig meest geciteerde domeinen waren er ongeveer negentien de eigen website van een concurrerend bureau. Geen directory, geen onafhankelijke ranking. Gewoon hun blog.
De meest geciteerde pagina in de hele set was een dienstpagina van één bureau. Vier keer aangehaald.
De bureaus die een assistent noemt, staan daar dus niet omdat ze zich ergens hebben aangemeld. Ze hebben zelf het vergelijkingsartikel geschreven dat nu geciteerd wordt.
Naast die bureau-blogs bestaat er een kleinere groep redactionele lijstjes. Customer Impact, Feedbax, TEAM LEWIS, Itonomy en GEO-optimaliseren publiceren vergelijkingen van Nederlandse GEO-bureaus. Die komen ook terug, alleen minder vaak dan de bureau-blogs.
In jouw categorie zien de namen er anders uit en werkt het mechanisme hetzelfde. Voor MSP's zijn het IT-vakmedia, directorypagina's en de blogs van andere MSP's. Voor B2B-software zijn het vergelijkingssites en categoriepagina's van reviewplatformen. Voor ERP zijn het selectiebureaus die een longlist publiceren.
Dit levert het meeste op, en het ligt volledig in eigen hand. Je schrijft het vergelijkingsartikel dat je zelf zou willen vinden.
Eén ding bepaalt of het werkt. Noem je concurrenten bij naam, inclusief waar zij goed in zijn. Een pagina die alleen zichzelf aanprijst wordt nauwelijks geciteerd. Een pagina die vijf partijen naast elkaar zet, met per partij een eerlijke reden, heeft de vorm die een assistent wil overnemen.
Dat voelt tegennatuurlijk. Het is ook de reden dat de meeste bedrijven het niet doen, en dat de paar die het wel doen het antwoord bezetten.
Vier vraagvormen leveren in onze meting het meest op:
Zet er een FAQPage- of Article-schema op, gebruik de vraag letterlijk als H1, en geef één alinea antwoord vóór de uitleg. Meer over die opbouw staat in het artikel over pagina's schrijven die een AI kan citeren.
Deze route en de redactieroute vullen elkaar aan. Je eigen artikel is bovendien de pagina waarnaar je linkt in die mail aan de redactie.
Dit kost een middag en je hebt er niets voor nodig behalve vier browsertabs.
Na die middag heb je een lijst van vier tot acht artikelen. Dat is je hele werkvoorraad voor het komende kwartaal.
Hier gaat het bijna altijd mis, en op één manier. Bedrijven mailen om een plek in het lijstje.
Vraag om een correcte vermelding. Dat is een ander gesprek. Een redactie die een vergelijking publiceert, wil dat de vergelijking klopt, want daar hangt haar geloofwaardigheid aan. Een ontbrekende speler in de categorie is voor haar een gat, en voor jou een kans.
Wat je meestuurt, in één mail van tien regels.
Dat laatste blokje is de reden dat opname makkelijk wordt. Een redacteur die een rij aan een tabel toevoegt, heeft die velden nodig. Wie ze niet meestuurt, maakt van een vijfminutenklus een uurtaak.
En vraag nooit om een positie. Een plek in een AI-antwoord is niet te koop, en een plek in een lijstje van een derde partij is dat ook niet.
Alleen over jezelf schrijven. Een vergelijking waarin jij toevallig als beste uit de bus komt, leest een assistent als een advertentie. De pagina's die geciteerd worden, noemen de concurrent bij naam en zeggen waar die sterk in is.
Eén keer mailen en het opgeven. We zien dat zulke artikelen een of twee keer per jaar worden bijgewerkt. Een vriendelijke opvolging na een kwartaal is normaal en werkt vaak beter dan de eerste mail.
Alleen jagen op de grootste publicatie. Het niche-lijstje met weinig bezoekers weegt in een AI-antwoord soms zwaarder dan het vakblad, omdat het specifieker over jouw categorie gaat. Bezoekersaantallen en citaties zijn twee verschillende dingen.
Stel je tien belangrijkste keuzevragen in ChatGPT, Gemini, Claude en Perplexity, en kijk naar de bron-URL's onder de antwoorden. De domeinen die in meerdere assistenten terugkomen, zijn de lijstjes die meewegen. Herhaal het per kwartaal, omdat modellen en bronnen veranderen.
Sommige publicaties verkopen advertorials, en die zijn als vermelding meestal gemarkeerd. Wij werken er niet mee, omdat een gemarkeerde advertorial minder gewicht heeft als bron. Een gegarandeerde plek in een AI-antwoord bestaat bij geen enkel bureau.
Reken op drie tot zes maanden voordat het effect zichtbaar en stabiel is. Een artikel moet opnieuw gecrawld worden en het model moet de bron opnieuw wegen. Een verbetering kan van je werk komen of van een modelupdate, en dat is niet altijd te scheiden.
Vier tot acht artikelen bepalen wie er in jouw categorie genoemd wordt, en die lijst is in een middag te vinden. Wil je weten welke bronnen assistenten nu over jouw markt citeren, dan kan de gratis AI-zichtbaarheidsscan op /geo-scanner/ daarmee beginnen. Een audit-call via /contact werkt ook, als je liever met ons door de bronlijst loopt.
Je kunt het gratis laten meten in vier assistenten. Je ziet op welke vragen je gemist wordt en welke concurrenten er nu in het antwoord staan.