AI-vindbaarheid verbeteren op je website betekent concreet: zorgen dat ChatGPT, Gemini, Claude en Perplexity jouw pagina's kunnen lezen, begrijpen en citeren. In de praktijk komt dat neer op vijf dingen. AI-crawlers toelaten, je entiteiten en schema markup op orde brengen, content schrijven die één vraag in één blok beantwoordt, je auteurs- en organisatiesignalen versterken, en maandelijks meten welke bronnen de assistenten aanhalen.
Herken je dat? De site is in orde. Het antwoord komt van ergens anders.
GEO, generative engine optimization, is het werk waarmee je in de output van AI-assistenten terechtkomt. Dat is iets anders dan ranken in Google. Een zoekmachine geeft je een lijst met tien blauwe links. Een assistent geeft één antwoord en noemt daarin een handvol bronnen.
Er is geen tweede pagina bij een assistent. Je staat erin, of je staat er niet in.
Voor een B2B-bedrijf met een lange verkoopcyclus is dat relevant om een simpele reden. Je koper oriënteert zich steeds vaker eerst via ChatGPT voordat hij überhaupt een leverancier googelt. Die oriëntatie gaat over categorievragen: welke partijen bestaan er, wat kost dit ongeveer, waar moet ik op letten, wat zijn de risico's.
Stel je voor dat jouw concurrent in dat eerste antwoord wordt genoemd en jij niet. Dan begint het gesprek al zonder jou. De lead wordt niet afgepakt bij de offerte. Hij wordt afgepakt in de oriëntatiefase, maanden eerder, op een moment dat je het niet ziet.
Wij zien dat de vraag bij B2B-teams verschuift van "hoe rank ik" naar "hoe word ik geciteerd". Dat is dezelfde markt, met een andere meetlat.
AI-assistenten gebruiken drie routes om aan jouw content te komen. Live websearch, trainingsdata, en retrieval van opgehaalde pagina's. Meestal een combinatie van die drie.
Bij live search stuurt de assistent een crawler naar je site. OpenAI doet dat met GPTBot en OAI-SearchBot. Google met Google-Extended. Anthropic met ClaudeBot. Perplexity met PerplexityBot. Dat zijn allemaal publiek gedocumenteerde crawlers, dus je kunt in je robots.txt precies zien of je ze toe- of afwijst.
Daar zit meteen een valkuil. Veel AI-crawlers voeren JavaScript niet uit. Een pagina die pas client-side zijn content laadt, is voor zo'n crawler leeg. Je ziet in de browser een prachtige SaaS-pagina. De crawler ziet een omhulsel.
Perplexity is de makkelijkste om mee te beginnen, want die zet de bron-URL's standaard onder het antwoord. Daarmee is citeerbaarheid direct meetbaar. Google's AI Overviews verschijnen inmiddels standaard boven de gewone resultaten bij een groot deel van de Nederlandstalige informationele zoekopdrachten. Gemini put daar deels uit.
De kern: een assistent kiest een paar bronnen en vat die samen. Hoe duidelijker jouw pagina één vraag beantwoordt, hoe groter de kans dat jij de bron bent die wordt samengevat.
Begin bij je robots.txt. Dat bestand bepaalt wie je site mag indexeren. Veel bedrijven hebben er ooit een regel in gezet om AI-crawlers te blokkeren, zonder dat ze zich realiseren dat ze daarmee de deur op slot doen voor AI-vindbaarheid.
Blokkeer je ze, dan leest de assistent je niet. Simpel.
De tweede check is of je content zonder JavaScript zichtbaar is. Schakel JavaScript uit in je browser of bekijk de pagina als platte HTML. Zie je dan je belangrijkste teksten nog? Zo nee, dan moet je dev-team aan de slag met server-side rendering of het statisch renderen van de kernpagina's.
Dit is precies het werk dat blijft liggen bij een adviestraject. Je krijgt een lijst, maar iemand in je eigen team moet het uitvoeren. Wij krijgen vaak de vraag of we dat zelf doen. Ja. Technische implementatie op de site van de klant hoort bij wat we leveren. We leveren geen lijst, we zetten het live.
AI-modellen denken in entiteiten, niet in pagina's. Een entiteit is een ding dat bestaat: jouw bedrijf, je diensten, je mensen, je regio, je sector. Schema.org markup, in JSON-LD-formaat, is de standaard waarmee je die entiteiten expliciet aan een machine beschrijft.
Zonder markup moet een model zelf raden wie je bent. Met markup vertel je het.
De types die er voor een B2B-site toe doen:
Belangrijk detail: consistency. Als je bedrijfsnaam op je homepage, je schema, je Google Bedrijfsprofiel en je Clutch-pagina alle vier net anders staan, wordt het voor een model onduidelijk of dat één bedrijf is of vier. Kies één vorm en gebruik die overal.
Wij zien dat sites met heldere entiteit-markup vaker in AI-antwoorden terugkomen dan sites die alleen losse pagina's hebben zonder gestructureerde context.
Dit is 80 procent van het werk. En het gaat in tegen alles wat je in tien jaar SEO hebt geleerd.
De standaard SEO-pagina bouwt spanning op. Je begint breed, je komt via tussenkopjes uiteindelijk bij de conclusie. Een AI-assistent heeft daar niets aan. Die wil het antwoord meteen, en dan de onderbouwing.
De structuur die werkt, noemen we een antwoordblok:
Doe dit per H2-sectie. Eén vraag, één antwoord, maximaal driehonderd woorden. Dan is je pagina een verzameling citeerbare blokken in plaats van één lang verhaal.
Schrijf ook in de taal van je koper, niet in je eigen jargon. Een model vat samen in de woorden die jij gebruikt. Gebruik je interne termen voor dingen die de markt anders noemt, dan wordt jouw pagina niet gebruikt als iemand de gangbare term zoekt.
Wij merken dat assistenten vaak een klein aantal duidelijke, gezaghebbende pagina's citeren. Tien dunne blogs verslaan één sterke pagina niet. Minder is hier meer.
E-E-A-T staat voor Experience, Expertise, Authoritativeness en Trustworthiness. Die begrippen staan expliciet in Google's richtlijnen voor kwaliteitsbeoordelaars, en ze wegen door in hoe AI-systemen een bron inschatten.
Voor een B2B-bedrijf betekent dat drie dingen.
Ten eerste, een echte auteur. Een blog die door "admin" is geschreven, is een anonieme pagina. Zet een naam, een functie en een LinkedIn-profiel onder elk artikel, en koppel dat aan de Person-markup uit stap 2.
Ten tweede, vermeldingen buiten je eigen domein. Een model weegt mee wat andere, onafhankelijke bronnen over je zeggen. Dat kan een review zijn, een interview, een vermelding in een branchelijst of een persbericht dat door een redactie is opgepakt.
Daar zit meteen de eerlijke verwachting. Wij schrijven persberichten en versturen ze naar nationale media. Of het geplaatst wordt, bepaalt de redactie. Versturen is de dienst, plaatsing is niet te garanderen. Dat geldt voor elk bureau. Posities in AI-antwoorden zijn niet te koop.
Ten derde, reviews. Voor een IT-dienstverlener is Clutch of Sortlist een logisch anker. Voor een SaaS-bedrijf zijn dat G2 en Capterra. Voor de meeste B2B-bedrijven is Google Bedrijfsprofiel het startpunt. Trustpilot werkt hier minder, want consumentenreviews wegen anders dan zakelijke reviews, en een koper in een lange verkoopcyclus kijkt er niet.
Als je stappen 1 tot en met 4 hebt gedaan, wil je weten of het werkt. En dat is geen kwestie van één keer kijken.
De aanpak die wij hanteren:
Die bron-URL's zijn je belangrijkste signaal. Wordt een concurrent genoemd, dan kun je exact zien waarom. Meestal is dat een reviewpagina, een branche-overzicht of een artikel dat zijn vraag beter beantwoordt dan jij.
Eén waarschuwing. Modellen veranderen continu. Een verbetering in je cijfers kan van jouw werk komen, of van een modelupdate die niets met jou te maken heeft. Reken op drie tot zes maanden voordat het effect zichtbaar en stabiel is.
Wil je weten waar je nu staat? Doe de gratis AI-zichtbaarheidsscan op /geo-scanner/ en je krijgt binnen een paar minuten een eerste beeld van welke vragen je nu wel en niet wint.
Drie fouten komen we bijna elke keer tegen.
De eerste is AI-crawlers blokkeren zonder het te weten. Iemand zet ooit een generieke regel in robots.txt, niemand weet nog waarom, en intussen leest geen enkele assistent je site. Dat kost je nul euro om te fixen en het is de meest voorkomende reden dat een technisch goede site onzichtbaar blijft.
De tweede is de PDF-val. Belangrijke productinformatie, prijsindicaties en whitepapers staan als PDF op de site. AI-crawlers halen daar minder uit en citeren ze zelden als directe bron. Wat online waarde heeft, hoort als HTML-pagina te bestaan. Een PDF mag er zijn als download, niet als vervanging van de pagina.
De derde is alleen op je homepage mikken. Je homepage is een visitekaartje. De vragen van je koper staan op je dienstpagina's, je kennisbank, je FAQ en je cases. Wie daar geen antwoordblokken heeft, wordt niet geciteerd, hoe mooi de homepage ook is.
Reken op drie tot zes maanden voordat je effect ziet en het stabiel blijft. Technische fixes werken soms sneller, content en autoriteitsopbouw hebben tijd nodig. Meet maandelijks met dezelfde twintig vragen, dan zie je de trend in plaats van ruis.
Nee, maar ze overlappen. SEO richt zich op positie in een lijst met resultaten, GEO op vermelding in één samengesteld antwoord. Veel SEO-werk, zoals technische hygiëne en goede content, helpt ook voor GEO. Het verschil zit in structuur en citeerbaarheid.
Nee. Een plek in een AI-antwoord is niet te koop, bij geen enkel bureau. Wat je wel kunt sturen is of je de bron bent die een assistent kiest, en dat is precies waar GEO over gaat.
De vijf stappen hierboven zijn de volgorde waarin we het bij klanten aanpakken. Begin bij robots.txt en schema markup, want daar lekt nu vaak het meeste weg. Doe daarna de content.
Wil je eerst weten waar je staat voordat je begint? De gratis scan op /geo-scanner/ laat zien welke vragen AI-assistenten nu al aan jou koppelen, en welke aan je concurrent.